Definition
▶
hotel
Een hotel is een commerciële accommodatie waar gasten kunnen verblijven, vaak met voorzieningen zoals ontbijt en roomservice.
الفندق هو مكان إقامة تجاري حيث يمكن للنزلاء البقاء، وغالباً ما يحتوي على خدمات مثل الإفطار وخدمة الغرف.
▶
We hebben een hotel geboekt voor onze vakantie in Amsterdam.
لقد حجزنا فندقًا لعطلتنا في أمستردام.
▶
Het hotel biedt gratis WiFi en een restaurant aan.
يقدم الفندق خدمة الواي فاي المجانية ومطعمًا.
▶
Na een lange reis kwamen we eindelijk aan bij het hotel.
بعد رحلة طويلة وصلنا أخيرًا إلى الفندق.