Definition
▶
aankomen
Aankomen betekent het bereiken van een bepaalde plaats, meestal na een reis.
Ankommen bedeutet, einen bestimmten Ort zu erreichen, meist nach einer Reise.
▶
De trein zal om 15:00 uur aankomen op het station.
Der Zug wird um 15:00 Uhr am Bahnhof ankommen.
▶
Wij komen morgen aan in Amsterdam.
Wir kommen morgen in Amsterdam an.
▶
De gasten zullen straks aankomen voor het diner.
Die Gäste werden bald zum Abendessen ankommen.