Definition
▶
vliegen
Vliegen betekent zich voortbewegen door de lucht met behulp van vleugels of andere middelen.
Volar significa moverse por el aire con alas u otros medios.
▶
De vogels beginnen in de lente te vliegen.
Las aves comienzan a volar en primavera.
▶
Hij kan niet wachten om naar Spanje te vliegen.
Él no puede esperar para volar a España.
▶
We zagen een vliegtuig hoog in de lucht vliegen.
Vimos un avión volar alto en el cielo.