Definition
▶
kansel
Een kansel is een verhoging in een kerk of andere religieuze ruimte waar een spreker of prediker zijn of haar boodschap overbrengt aan de aanwezigen.
מִנְשָׂא הוא גובה בכנסייה או במרחב דתי אחר שבו דובר או כוהן מעביר את המסר שלו לנוכחים.
▶
De predikant stond op de kansel om de zondagse dienst te beginnen.
הכוהן עמד על המִנְשָׂא כדי להתחיל את שירות יום ראשון.
▶
Tijdens de ceremonie sprak de gastspreker vanaf de kansel over belangrijkheden in het leven.
במהלך הטקס, דיבר הדובר האורח מהמִנְשָׂא על חשיבויות בחיים.
▶
De oude kansel in de kerk is prachtig versierd met houtsnijwerk.
המִנְשָׂא הישן בכנסייה מעוטר בצורה יפה בעבודות עץ.