Definition
▶
fiets
Een fiets is een vervoermiddel met twee wielen dat wordt aangedreven door de kracht van de pedalen.
Uma bicicleta é um meio de transporte com duas rodas que é movido pela força dos pedais.
▶
Ik ga elke dag met mijn fiets naar school.
Eu vou para a escola de bicicleta todos os dias.
▶
Zij heeft een nieuwe fiets gekocht voor haar verjaardag.
Ela comprou uma nova bicicleta para o seu aniversário.
▶
In de zomer fietsen we vaak langs het strand.
No verão, nós costumamos andar de bicicleta pela praia.