Definition
▶
uitnodigen
Iemand vragen om ergens bij te zijn of deel te nemen aan een gebeurtenis.
Convidar alguém para estar presente ou participar de um evento.
▶
Ik wil mijn vrienden uitnodigen voor mijn verjaardag.
Eu quero convidar meus amigos para o meu aniversário.
▶
Zij nodigde haar collega's uit voor een borrel na het werk.
Ela convidou seus colegas para um happy hour após o trabalho.
▶
De leraar nodigde de ouders uit voor een bijeenkomst.
O professor convidou os pais para uma reunião.